Direct naar inhoud

Door ‘meester Appie’ kiezen leerlingen het juiste pad: ‘Ik ga voor ze rennen als het niet goed gaat’

Voor Abdeljabar ‘Appie’ Marbah (44) stopt lesgeven niet bij het schoolbord. De meester van groep acht van OBS Nelson Mandela in de Rotterdamse Afrikaanderwijk zet zich al jaren onvermoeibaar in voor leerlingen, zeker als hun geld of thuissituatie in de weg zit. Zijn manier van werken blijft niet onopgemerkt.’Meester Appieee!’

leerkracht geeft les aan groep 8
Leerkracht staat bij digibord
Leerlingen zitten in d eklas en luisteren

Als Marbah door de school loopt, ontstaat de indruk dat hij elke leerling persoonlijk kent. Kinderen groeten hem luid, zoeken zijn nabijheid en voelen zich zichtbaar op hun gemak bij hem. Marbah deelt high-fives en boksen uit, helpt een jongen die verstrengeld is geraakt in zijn jas en voert een vluchtig, maar genegen gesprek met een tweetal meisjes. Marbah geniet niet alleen binnen de schoolmuren aanzien, maar ook daarbuiten. De Rotterdammer groeide uit tot een soort lokale bekendheid. In 2019 werd hij genomineerd tot pedagoog van het jaar en door de jaren heen interviewden verschillende media hem.Hoe dat komt? Marbah weet het zelf ook niet zo goed. “Ik denk omdat ik altijd voor mijn leerlingen heb klaargestaan, voor ze ben gaan rennen als het niet goed ging.”

Sterke visie

Marbah is eigenlijk nog maar zes jaar leerkracht. Daarvoor werkte hij ook voor de school, maar als welzijnsmedewerker. In die hoedanigheid hielp hij leerlingen met bijvoorbeeld rekenen. Het waren woorden van de kinderen, ‘Oh, nu snap ik het!’, waardoor hij ervan overtuigd raakte dat lesgeven zijn roeping was. Naast zijn uren als meester van groep acht is hij nog steeds ‘coördinator goed gedrag’. Marbah heeft een scherpe visie op lesgeven en specialiseerde zich in de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen. De rode draad is positiviteit. Dat zit ‘m zelfs in de naam van de functie: op de meeste scholen heet zo iemand een ‘gedragscoördinator’.

Goed in motiveren

“Ik ben heel goed in motiveren”, verklaart hij. “Ik zeg altijd: ‘Je moet bij mij in de klas 150 procent werken. Als ik je twee sommen geef, wil ik dat je naar me toe komt en zegt dat je drie sommen hebt gemaakt. Dan maak je me blij en trots. Ik vecht voor jullie en jullie moeten voor jezelf vechten.’ Hij verdiept zich in de belevingswereld van de kinderen. Als zijn leerlingen de mond vol hebben van Minecraft, gaat hij thuis onderzoeken wat dat spel precies inhoudt. Zo kan hij relevante voorbeelden gebruiken om de kinderen te helpen. “Met breuken zeg ik bijvoorbeeld: ‘Jij gaat straks met Hamza en de meester naar de pizzeria, hoeveel procent is drie vierde van een pizza?’” Als een kind het goede antwoord geeft, wordt hij of zij bedolven onder complimenten. Maar als iemand het niet weet, is dat ook helemaal niet erg. “Je moet je veilig voelen in de klas, pas dan kun je stappen maken.”

Lachen en grapjes

Kinderen weten wanneer ze bij meester Appie serieus moeten zijn, maar het is ook “veel lachen en grapjes”. Als we voor een klaslokaal staan, waar ‘zijn’ groep 8 op dat moment van een andere leerkracht Engels krijgt, wijst hij opzichtig naar een jongen. “Nu denkt hij dat hij iets verkeerd heeft gedaan”, gniffelt hij. De jongen kijkt verbijsterd, maar nog voor hij zich daadwerkelijk zorgen kan maken opent Marbah de deur en stelt hij hem gerust. “Het was maar een grapje!” roept hij, met een aanstekelijke lach. In het klaslokaal ernaast krijgt zijn zoon net les. Marbah zwiept zonder pardon de deur open. “Je gelooft het misschien niet”, zegt hij, “maar ik had ook zo’n bos haar.” Hij wijst naar de weelderige krullen van zijn zoon en daarna naar zijn eigen kale kop. Weer die bulderende lach. De juffrouw knikt ter bevestiging, want zij kent hem nog van vroeger.

Zelfde leven

Marbah is vergroeid met de school. Als kind ging hij zelf ook naar OBS Nelson Mandela. Het is een van de redenen dat hij zich zo goed kan verplaatsen in zijn leerlingen. Hij leefde als kind hetzelfde leven. Net als hen groeide hij op in Afrikaanderwijk en komt hij uit een gezin dat de eindjes aan elkaar moest knopen. “Ik zie leerlingen die worstelen met alles. Ze kunnen geen contributie betalen voor een sportvereniging, of hebben geen geld om iets leuks te gaan doen. Ik heb dat allemaal zelf meegemaakt. Op mijn elfde ben ik op de markt gaan staan, om geld binnen te halen.”

Dingen regelen

Iemand die Marbah in zijn jeugd miste, is hij nu voor zijn leerlingen. Wanneer een kind geld tekort komt, probeert hij iets te regelen via fondsen. “Als leerlingen bijvoorbeeld echt geen contributie kunnen betalen, mogen ze bij mij komen. Zodat ze toch kunnen sporten, iets wat ik vroeger niet kon.” Marbah heeft een groot netwerk. Hij kent mensen bij de KNVB, waar hij naast zijn drukke baan trainer is, en bij Feyenoord. Hij lobbyt daar voor wedstrijdtickets voor zijn leerlingen. “De kinderen vinden dat fantastisch. Zo gingen we een keer voor een wedstrijd De Kuip versieren met vlaggetjes. Die kinderen zijn nu in de 20, maar als ik ze tegenkom hebben ze het er nog steeds over.”

Goede invloed

Marbah heeft nog veel contact met oud-leerlingen. “We hebben echt een band. Ze vertellen wat voor invloed ik op hen had. Ze zeggen: ‘Meester Appie, door jou ben ik echt hard gaan werken en heb ik niet gedacht aan snel geld verdienen en het verkeerde pad op gaan. Jij hebt altijd gezegd dat ik mijn ouders trots moest maken.’” Een verlegen jongetje loopt langs. Toevallig heeft Marbah ook zijn droom laten uitkomen: een ontmoeting met de Rotterdamse straatvoetballer Soufiane Touzani, die Marbah persoonlijk kent. “Hij had de dag van zijn leven. Het is twee jaar geleden en hij heeft het er nog steeds over. Zoiets blijft ze bij, en ze zijn dankbaar.”

Verschil met Hillegersberg

Marbah wil er voor de kinderen zijn, maar hij benadrukt dat hij niet de rol van de ouders wil overnemen. Hij besteedt daarom veel tijd aan het instrueren van de ouders. Daar zit ‘m het grootste verschil tussen kinderen in Afrikaanderwijk en een wijk als Hillegersberg, stelt hij. “Daar krijgen ze vanuit huis dingen mee. Boeken lezen, ouders die er echt bij gaan zitten als ze huiswerk hebben.” En alhoewel dat in Afrikaanderwijk volgens hem steeds meer gebeurt, is er nog steeds een kloof. Dat is niet uit onwil. “Veel ouders zeggen dat ze geen tijd hebben om het kind voor te lezen, bijvoorbeeld omdat ze nog andere kinderen hebben of voor eten moeten zorgen. Dat blijven uitdagingen.”

Bron: RTV Rijnmond . Nikki Veerbeek, 8 februari 2026

Deel deze pagina

Een lijst met verhalen